Asfalt in de noordelijke Gaume tussen
Ste Marie en Poncelle
> Door het Arelerland
en de noordelijke grens van de Gaume loopt het traject maar liefst over
ongeveer 75 % asfalt of beton. Veel te veel voor de meeste wandelaars (die
liever op zachtere ondergrond lopen). Voor het deel tussen Aarlen en tot net
voor het bereiken van de rivier Vierre zou ik dus zeker aanraden om niet
op wandelbottinen te lopen, maar eerder met een lichte (meer verende) sportschoen.
Anders riskeer je gewoon je voeten kapot te lopen op het vele asfalt. Wel
worden op een paar korte stukken na meestal rustige asfaltwegen gebruikt.
Dit stuk van ongeveer 50 kilometer is ook niet altijd even boeiend.
> Zowel architecturaal
als landschappelijk is de Ardennendoortocht die daarna volgt veel boeiender.
Het prille begin van de tocht in Arel is zelfs ronduit lelijk. Nu lijkt
het niet zo makkelijk om door het Arelerland en de noordelijke Gaumegrens
een traject te ontwikkelen dat altijd boeiend blijft en weinig over asfalt
loopt. Ook Julien van Remoortere die jaren eerder zijn eigen tocht langs
de Semois ontwierp loopt veel over asfalt. Denk bij zo'n passage gewoon
aan wat verder nog te wachten staat, hoop doet leven.
> Tijdens de Ardennendoortocht
zitten er meer dan eens adembenemend mooie stukken tussen die het vorige
ruimschoots compenseren. Door die Ardennen is de aard van de paden en de
ondergrond omgekeerd. Hier loop je 75 % van de tijd over zeer prettige bospaden
met constant afwisseling in de vorm van mooie dorpen, spectaculaire uitzichtpunten
en oeverpaden. Voor het Ardennendeel van de Trans-Semoisienne draag je dus
best iets steviger schoeisel.
> Het moet ook gezegd
dat er een aanzienlijk onderscheid is tussen het reliëf van het Arelerland/noordelijke
Gaume en de Ardennen. Door het Arelerland en de Gaume wandel je vooral op
vlak of licht golvend terrein. Door de Ardennen is het bijna constant dalen
of stijgen met niet zoveel vlakke stukken. Dat deel behoort dan ook tot
het zwaarste dat je zoal in België kan wandelen. Er zit een stukje
bij dat afgeraden wordt om met jonge kinderen te wandelen: De ladderwandeling
naar Rochehaut toe. Zie voor details over dat stukje elders
op Trekkings.be Je inspanningen worden ruimschoots gecompenseerd door de
overweldigende schoonheid van dit deel van de Trans-Semoisienne. Hier snap
je waarom de Semois 'de Koningin van de Belgische rivieren' wordt genoemd.
> Wandelaars op de Trans-Semoisienne volgen gewoon de wit/rode markeringen die
aangebracht werden door Sentiers de Grande Randonnée (SGR). Vergeet
dus de gele driehoeken. De markering is in 2 richtingen.
> De Trans-Semoisienne heeft een eigen markering :
Een gele liggende driehoek met daarbij het logo van Contrat de rivière
Semois/Semoy, aangebracht in de vorm van gepijlde bordjes. Deze markering
moet door wandelaars NIET worden gevolgd.
Ze is bedoeld voor andere Trans-Semoisiennerecreanten: Bergfietsers, ruiters
en paardenkoetsen.
Padmarkering
> Er is een duidelijk verschil op de Trans-Semoisienne
tussen wandelen in het Arelerland/ Gaume en de Ardennen, zowel qua landschap
als wat de aard van de paden betreft.
Aard
van de paden




> Vanuit Aarlen vertrek je gewoon
aan de bron van de Semois. Er staat daar een infobord met het verloop van
de Trans-Semoisienne. De wit/rode tekens gidsen je probleemloos door het
Arelerland. In de noordelijke Gaumestreek word je bij het binnenkomen van
het dorp Les Bulles (Km 47,4) geconfronteerd met een splitsing van de Trans-Semoisienne.
Het hoofdtraject loopt voor je het centrum van Les Bulles bereikt naar links
en verder over een kerkpad naar de schitterend gelegen kerk van Jamoigne
(aan haar voet loopt de Semois). Daarna loopt het pad via Moyen meestal
over asfalt naar een brug over de Vierre. De andere mogelijkheid is om in
Les Bulles de variante te nemen. Die loopt naar de kerk van Les Bulles toe
om daar in de buurt links te gaan en af te dalen in de vallei van de Vierre.
Beide trajecten ontmoeten elkaar aan de brug over de Vierre. Op de topografische
kaart van de Trans-Semoisienne staat enkel de hoofdroute (7 km) ingetekend,
niet de variante. In de tekst van de gids of internet staat dan weer enkel
de variante (3,8 km) beschreven, die korter is is en minder geasfalteerd
dan de hoofdroute. De variante werd gecreëerd om tijdens het jachtseizoen
(oktober-januari) niet voor afgesloten bos te komen. Het vreemde is dat
de hoofdroute niet door bos loopt maar de variante net wel. Ik zou dus eerder
aanraden om tijdens het jachtseizoen te overwegen om NIET de variante te
nemen.
> Aan de stuwdam op de Vierre
ontmoet de Trans-Semoisienne het hoofdtraject van het Ardennen-Eifelpad
(GR AE of GR 15). Hier volg je AE richting Chiny (rechtdoor) en niet
richting Suxy (rechts). Update aug 07: Volledige
T-S wordt in 2008 GR 16 en met herzien traject. Updat jun 10: Zie nieuwe topogids GR 16.
> In Florenville volgt de
Trans-Semoisienne het Ardennen-Eifelpad over het hoofdtraject, richting
Azy, Laiche en Chassepierre, niet de variante die naar Orval leidt.
> Tussen Auby en Bouillon
volgt de Trans-Semoisienne de hoofdroute van AE via Dohan, niet de variante
via les Hayons. Maw de Trans-Semoisienne blijft in de buurt van de Semois.
Die variante werd ooit gecreëerd als omleiding om een ingestorte weg
te passeren.
> In Tournavaux verlaat je
bij het binnenkomen van het dorp bij een picknickplek het Ardennnen-Eifelpad.
Die afsplitsing staat niet aangeduid. Ga niet tot de brug in Tournavaux,
maar volg de Semoy stroomafwaarts. (AE volgt de Semoy hier stroomopwaarts).
Volg de wegwijzer Ancienne Réserve d'Eau 0,5 km. Dit is de Chemin
des Rapides (in feite een oude spoorbedding). Er is geen Trans-Semoisiennemarkering
meer. Volg gewoon de Semoy verder naar de monding. Na 3 km moet je de D31
op die je na 2 km in Monthermé binnenleidt. Je kan verderop weer
van de D31 af om vlak langs de Semoy te lopen maar de eigenlijke monding
krijg je helaas niet te zien. Voor detailbeschrijving zie de 'etappepagina's'.
Oeverpad aan de Défilé de Relogne tussen Sainte Cécile
en Conques
Overnachten
langs het pad

> Er zijn meer dan 50 campings
langs de Trans-Semoisienne. In feite zijn er gewoon te veel. Dat zou niet
zo storend zijn was het niet dat de meeste van deze campings zijn uitgegroeid
tot caravanparken, waarvan de eigenaars hun stacaravan als een soort tweede
verblijf beschouwen. Van een integratie van die verblijfsparken in de natuurlijke
omgeving is helemaal geen sprake. Met name op het mooiste deel van de Semois
(van pakweg Herbeumont tot Bohan) is de Semoisvallei soms bezaaid met dat
soort plastieken wooncontainers. Niet alle campings zijn daarom even uitnodigend
voor de doortrekker met tent. Zoek op het internet of in de campinggidsen
voor de betere campings. De lijst is te lang om hier weer te geven.
> Er zijn nog vele andere
verblijfsmogelijkheden langs de Trans-Semoisienne: Jeugdherbergen, gîtes,
hotels, pensions... te lang om hier aan te beginnen. Internet, reisgidsen
of Gilbert's List brengen uitkomst.
> Vrijkamperen is officieel
verboden, maar als je het discreet houdt, afgelegen kampeert en het bij
bivakkeren houdt (=kamperen enkel tussen zonsondergang en zonsopgang) dan
zou je zelden problemen mogen hebben. Wellicht onnodig te zeggen dat je
je kampeerplek weer achterlaat zonder sporen achter te laten. In de etappebeschrijvingen
vermeld ik af en toe een goeie plek.
Wandelinfo
 |
 |
 |
 |
| Altenuewen naar Häischel |
Onderweg naar Breuvanne |
Tussen Dohan en Bouillon |
Vresse-sur-Semois |
 |
Markering
Trans-Semoisienne voor wandelaars |
 |
 |
 |
 |
| Standaard-markering (wit/rood). |
Richting- of padverandering.
(In dit voorbeeld afslag naar rechts) |
Variant traject, tijdelijke
afkoppeling van het hoofdpad. |
Andreaskruis :
Verkeerd pad |
Op de plaats van waaruit deze foto is genomen in Tournavaux verlaat de
Trans-Semoisienne het AE-pad. Hier loopt de Trans-Semoisienne rechtdoor
(Chemin des Rapides).
Brug over de Vierre. Op de plaats waar de foto is genomen komen de hoofdroute
en de variante van de Trans-Semoisienne samen om links voor de brug samen
verder te lopen naar de stuwdam op de Vierre.
Infobord over de Trans-Semoisienne aan de bron van de Semois in Aarlen
>
Er is een enorme keuze aan overnachtingsmogelijkheden langs de Trans-Semoisienne.
Camping langs de Semois (Herbeumont) en de Semoy (Haulmé).
Vervoer
> Per trein is de Semoisvallei
het best te bereiken via de lijn Brussel-Aarlen. Voor het oostelijke deel
(van Aarlen tot pakweg Jamoigne) via de stations Marbehan of Aarlen. Beide stations
hebben aansluitende busverbindingen naar de Semoisdorpen. Een interessante
buslijn in dit gebied zijn de bussen die zeer frequent over de snelle N83
tussen Aarlen en Florenville rijden. De regio Florenville - Bouillon is te
bereiken door op de treinlijn Brussel-Aarlen over te stappen in Libramont
op het spoor naar de stations van Bertrix of Florenville (Lacuisine) of/en
eventueel aansluitend busvervoer te nemen. De Semois/Semoy nog meer stroomafwaarts
is moeilijk per trein te bereiken. Het vraagt een uitgekiende planning met
mogelijk verscheidene busoverstappen. Het bussenschema langs de Semois tussen
Florenville en Bohan is op het eerste zicht onoverzichtelijk maar er zijn
van alle combinaties mogelijk. Zie de websites van NMBS
en TEC. Grensoverschrijdende bussen
tussen Semois en Semoy zijn er niet. Vanuit Monthermé kan je eventueel
een bus of zeldzame trein nemen naar Charleville-Mézières,
dan een bus naar Sedan en van daar een bus nemen naar Bouillon, maar dat
is wel erg omslachtig. Busvervoer in de (Franse) Semoyregio zie de site
van RDTA.
> Met de wagen is de Trans-Semoisienne
te bereiken via de Autoroute des Ardennen E411. Ook hier geldt dat hoe meer
westelijk je wil zijn langs de Semois, hoe ingewikkelder te bereiken.


Semois te Termes en Semoy te Monthermé
Andere
lange paden
 |
| Europese Wandelweg E3 |
>
OK tot zover wat algemene info. We gaan de route dus even wandelen en vertrekken
bij de bron in Aarlen. Voor het deel door het Arelerland en de Gaume geef ik
op de volgende pagina's wat extra achtergrondinfo mee. Voor het deel door
de Ardennen beperk ik me tot de routebeschrijving omdat er al zoveel info
beschikbaar is over dit deel, zoals op de pagina's over het
Ardennen-Eifelpad
elders op Trekkings.be .