Startpagina > Wandelen > GR 576
Overzichtskaart
> Deze laatste etappe heeft meer een Andennen- dan een Condrozkarakter. We starten in de toeristische Ourthevallei tussen Hamoir en Sy. Voorbij Sy zoeken we een hoog crêtepad op om een Ourthemeander rond te lopen. Terug in de vallei, kort bij de oude burcht van Logne, pikken we in de buurt van Vieuxville de draad op langs een ander rivierdal, dat van de Lembrée. Voorbij Ferrières en Rouge Minière lopen we over prachtige paden die met dichte hagen zijn afgezoomd. De daling in de diepe vallei waar Harzé ligt, biedt schitterende panorama's over Condroz en Ardennen. Na Harzé zoeken we weer hoogtes op om tenslotte de lange
afdaling in te zetten naar Aywaille. Tussen Aywaille en Remouchamps lopen we hoog boven de Amblèvevallei.
> Het laatste deel van deze etappe, tussen Aywaille en Remouchamps loopt volgens de huidige topogids boven de zuidelijke valleiwand van de Amblèvevallei. Tegenwoordig loopt dat traject van GR 576 over de noordwand van de vallei, tesamen met de GR-paden AE (15) en 571. Overigens loopt deze etappe vandaag veelal in het spoor van andere GR-paden: Van Hamoir via Sy naar Logne over GR 57, van Logne naar Harzé over de opgeheven GR 574, van Harzé naar Aywaille over GR AE (15) en van Aywalle naar Remouchamps dus over GR AE (15) en GR 571.
> Horeca onderweg in Hamoir, Sy, Logne, Ferrières (op 1 km), Harzé, Aywaille en Remouchamps. Winkels langs het pad in Hamoir, Aywaille en Remouchamps. Nabij Ferrières, langs de N66, is de winkel en het tankstation bij de brug over de Lembrée sinds 2009 gesloten, ook in Harzé is geen winkel meer. Doe inkopen in Hamoir, Ferrières (op 1 km), Aywaille of Remouchamps. Campings te Hamoir, Sy en Aywaille (Dieupart, op 2 km en in de vallei). Van Hamoir naar Aywaille of vv reis je per trein in minder dan een uur, wissel van trein in Rivage. Je komt ook langs het station van het kleine Sy. In Aywaille zijn frequente busverbindingen naar Remouchamps. TEC-expressbus 1011 (Luik - Aarlen) stopt aan de kerk van Harzé en in Aywaille. VVV's in Hamoir, Logne, Harzé, Aywaille en Remouchamps.
!!! Update april 12: Opgelet, 2012 en 2013 zijn overgangsjaren: GR 575 fuseert met GR 576, traject en bewegwijzering veranderen vrij radicaal.
> Het volgende half uur zal ons pad deze hellingrand en de brede meander volgen die de Ourthe hier maakt . Het is een schitterend stukje GR576. De mist en de herfstkleuren maken het allemaal nog meer dramatisch. Door die mist moet ik wel de doorkijkjes op de Ourthe missen. De foto hierboven is dan ook van een vroegere passage hier over GR 57.
> Maar zelfs in de mist is het prachtig allemaal. s' Zomers is dit een populair wandelpad. In de lente zie je hier misschien wel zeldzame planten groeien, zoals de bergnachtorchis, terwijl in de herst het loofbos in felle tinten kleurt.
Hamoir
Lassus
> Het kasteel van Lassus was lange tijd de privé-woonst van de burgemeesters van Hamoir. Het huidige, vrij indrukwekkende kasteel, werd gebouwd in de 17de eeuw maar werd sterk gemoderniseerd begin 20ste eeuw. Het is privé-bezit en niet te bezoeken. De kapel, waar je wel naartoe kan wandelen, is 17de eeuws en mooi gerestaureerd.
La Rouge Minière
> Helemaal geen Condrozdorp, het gehucht dankt zijn naam aan de eeuwenlange mijnontginning in het verleden van ijzerhoudend (rood) gesteente. De naamsoorsprong van de gemeente Ferrières staat trouwens ook in verband met de ijzerwinning en -nijverheid (fer = ijzer). Het gehucht La Rouge Minière is vrijwel zeker gegroeid rond een gemeenschap van mijnwerkers.
> De kapel waar we langs lopen is niet oud, ze werd ingewijd in 1944. La Rouge Minière is geen zelfstandige parochie maar maakt deel uit van Ferrières. Op het pleintje staat tussen dikke kastanjelaars een wat potsierlijk monument met bovenop een soort vaas die lijkt op een lelijke trofeebeker. Misschien vind je het wel een misbaksel van iemand met slechte smaak maar er schuilt eigenlijk een boeiend verhaal achter:
> De kasteelheer van Grimonster was in 1832 getroffen door de armoedige omstandigheden waarin de bewoners van La Rouge Minière het moesten stellen. Er was geen onmiddellijke watervoorziening, ze moesten het water voor zichzelf en hun dieren met emmers aansleuren uit de vallei waar de Lembrée (hier de Ruisseau du Pouhon) vloeide. Hij stelde voor aan de burgemeester van Ferrières om op zijn kosten een leiding van 800 meter loden buizen in de grond te leggen die het water van een bron naar het pleintje midden in La Rouge Minière moest voeren. Daar zou dan zowel een tapplaats, een reservetank voor branden te blussen
> Je loopt hier nog even door een strook bos om op een T rechts te gaan en vlak voor het plaatsnaambord Kin links verder te dalen. Het pad loopt nu recht op Aywaille af. Voor ons liggen in de verte de op het eerste zicht kale rotsen van het natuurreservaat Heid des Gattes. GR576 loopt Aywaille binnen door een wat verpauperde volkswijk en komt uiteindelijk uit bij de spoorwegbrug.
evenals een drinkbak voor vee worden geïnstalleerd. Uiteraard nam het gemeentebestuur van Ferrières dat aanbod aan. Ze voegden er in hun antwoord zelf bij dat kasteelheer Jean-Nicholas Fischbach de Malacord er als donateur ook zijn naam op moest laten vermelden.
> De 'trofeebeker' is in gietijzer en gegoten in de lokale smederij van Ferot. De fontein en de site werden gerestaureerd in 1990 maar uit de fontein vloeit al lang geen water meer. Leve de moderne waterleiding. De mooie wilde kastanjelaars rond de fontein hebben inmiddels een geklasseerd statuut. Wellicht zijn ze geplant kort na de ingebruikname van de fontein.
Logne
> Ooit torende hier hoog boven de Ourthe op een dominerende plek de machtige burcht van Logne. De abdij van Stavelot liet eeuwenlang haar gezag gelden in het graafschap Logne, waarbij men nogal eens in conflict kwam met de erfvijand, de prinsen van Luik. Van hieruit werd een groot deel van het gebied gecontroleerd waardoor we in het zuidelijke deel van GR 576 wandelen (oa Ocquier en Hamoir). Later kwam het domein in handen van de machtige maar beruchte familie de la Marck. In 1521 ging het er zo gewelddadig aan toe bij een confrontatie met de aanvallende troepen van Karel V, dat het hele burchtgarnizoen werd uitgemoord. Het einde ook van de burcht, die grotendeels werd ontmanteld. De burchtresten dienden als steengroeve voor de dorpsbewoners in de Ourthevallei om er hun huizen mee te bouwen.
> Sinds eind 19 de eeuw startten stabiliseringswerken om wat is overgebleven te beschermen. De burcht en het domein zijn vandaag eigendom van de provincie Luik en worden beheerd door een vzw. Een betalend bezoek aan de hoog gelegen ruïnes is mogelijk. Aan de voet van de burcht werden de domeingronden uitgebouwd tot het recreatiegebied Domaine de Palogne (oa kayak, verhuur van MTB, valkenshow, etc...)
De Lembrée
> De Lembrée is een zijriviertje van de Ourthe. In de bovenloop heet ze de Ruisseau du Pouhon maar de Lembrée wordt ook gevoed door kleinere beken. De Lembrée stroomt tot Ferrières over een schistig (Ardens) landschap. Voorbij Ferrières vloeit de Lembrée in de Condroz over een bodem van hoofdzakelijk kalksteen. Dat heeft rare gevolgen.
> Zoals we eerder langs GR 576 hebben gemerkt in de omgeving van Remouchamps en Deigné, zorgt de combinatie kalk + water voor vreemde geologische verschijnselen. Dat is niet anders met de Lembrée. De bedding van de Lembrée zit vol verdwijngaten. In drogere maanden is het zo dat de rivier na Ferrières grotendeels ondergrond gaat of dat de bedding aan de oppervlakte zelfs helemaal droog komt te liggen!
> De Vlaamse speleoclub Avalon heeft heel wat exploraties verricht in deze verdwijngaten en in een mooi, afgeschermd grottencomplex. Hun conclusie is dat de bedding van de Lembrée één zeef is. Net voor Vieuxville komt dat ondergronds weggevloeide water van de Lembrée weer 'boven water'. Dat stukje waar de Lembrée vaak droog ligt volgen we helaas niet van kortbij tijdens onze tocht door de vallei over GR 576.
> In de loop van de 13de eeuw was er geen opvolger voor het onderhoud en de ontvangst in de kluis. De abdij van Stavelot, die met het graafschap Logne (met zetel in de burcht die we eerder vandaag passeerden) het grootste deel van de streek onder haar gezag had, gaf de grond in 1248 in gebruik aan de orde van de Wilhelmieten. Deze nieuwe benedictijnse orde van monniken had zich eerder al gevestigd in Luik, op de plaats waar nu het belangrijkste treinstation van Luik ligt (Wilhelmieten = Guillemins in het Frans, vandaar dus ook de huidige naam van het station).
> Aanvankelijk floreerde de nieuwe abdij maar in tegenstelling tot vele andere abdijen beschikte Bernardfagne niet over veel vruchtbare landbouwgronden waarop ze tienden konden heffen. Ook de traditionele passage van pelgrims naar de bron van Sint-Remacle droogde op ten voordele van nieuwe pelgrimsoorden. Oorlogen en twisten tussen de machthebbers van die tijd en ten slotte nog een brand die een groot deel van de abdij in de as legde, brachten het bestaan van de monnikengemeenschap op den duur in gevaar.
> In 1510 kwam de nieuwe, ondernemende prior van de abdij, Guillaume Pezin, echter op het lumineuze idee om van Bernardfagne een nieuw bedevaartsoord te maken. De passage van pelgrims = inkomsten door offerandes. Hoe deed hij dat? Pezin slaagde er in om aan relikwieën van Sint-Rochus te geraken, zowat de populairste heilige in die tijd. Hij stichtte ook een Broederschap van Sint-Rochus in 1520. De pelgrims begonnen weer te komen en een paar mirakels, toegedicht aan Sint-Rochus, deden de rest. De abdij was gered en de gebouwen konden worden hersteld met de nieuwe inkomsten. De volgende eeuwen zou de bedevaart naar Sint-Rochus van Bernardfagne zeer populair blijven. Pelgrims kwamen van heinde en van verre.
> Zoals in vele andere abdijen werd in de 18de eeuw luxueus gebouwd, de abdijen waren op een toppunt van rijkdom in die eeuw. Zo dateert de huidige toegangspoort met blazoen nog uit die tijd. Eind 18de eeuw was het uit met het ancien régime. Met de Franse Revolutie werden kloosters en abdijen opgeheven en verkocht aan particulieren en gemeentelijke overheden. 20 jaar later, als de scherpe kanten van de Revolutie afgevijld waren, vestigden zich toch weer religieuzen in Saint-Roche. Er kwam een klein-seminarie, later een normaalschool en tegenwoordig is er een grote middelbare school gevestigd met zowel interne als externe leerlingen. De meeste schoolgebouwen werden in de loop van de 19de eeuw opgetrokken maar de christelijke school heeft tegenwoordig ook alle moderne voorzieningen.
Hamoir, brug over de Ourthe
> Boven de N66 loop je over mooie wandelpaden, eerst nog even verhard, dan over wisselende ondergrond, soms langs hagen, dan weer door meer open landschap of op een pad door bovenaan dichtgegroeide haagbeuk. Overal staan wegwijzers, vaak met lokale plaatsnamen in het Waals, waarop ook GR-tekens zijn aangebracht. Proficiat aan de gemeente Ferrières, die sinds begin jaren '90 niet enkel het natuurlijke karakter van deze oude voetpaden beschermd maar ze ook op een milieuvriendelijk wijze toegankelijk houdt voor wandelaars.
> Dit prettig pad loopt ongeveer parallel met de lager lopende N66. GR576 daalt naar de N66 maar loopt verder door enkele prachtige beukendreven. Ze behoorden tot het domeinbos van het kasteel van Grimonster dat verscholen in bossen ligt. Door zo'n dreef wegdraaien van de N66, bij een kruispunt van boswegen links en in een bocht afdalen naar de vallei van de Lembrée. Bij de rivier links, een brug over de Lembrée over en stijgen naar het centrum van het geïsoleerd gelegen dorpje La Rouge Minière.
Hamoir, kadewoningen
> Eens de Lembrée over gaan we rechts bij de Ferme de Lembrée. Tot WO II was hier een watermolen, nadien was het een boerderij en vandaag is het eigendom van een Vlaming die alles verhuurd als vakantiewoning voor groepen. Een prachtig pad dat tussen een bosrand en een weide door de brede riviervallei van de Lembrée loopt. Onderweg kom je ook langs een middeleeuwse grenspaal.
> Zo bereik je bij de watermolen van Ferrières de brede N66. Rechts de brug over. De winkel en het tankstation sloten in 2009. Rechts loopt een weg naar Ferrières-centrum, maar GR 576 loopt hier links.
> Laatste etappe alweer op GR 576. Het eerste deel tot Logne ken ik in feite al, eerder liep ik hier nog over GR 57. Dit keer is het herfst en de kleuren van het landschap zijn erg anders. De weiden met scoutstenten die hier allemaal 's zomers in de Ourthevallei staan zijn leeg.
> Start in Hamoir bij de monding van de Néblon in de Ourthe, van hier naar de brug over de Ourthe. Aan de andere Ourthe-oever rechtdoor en 100 meter verder de derde weg rechts nemen, een asfaltwegje, in het gezelschap van een pak lokale paden en dus ook GR 57. Langs enkele buitenverblijven, privéwegen negerend, neemt deze weg een draai langs een vijvertje tot in het gehucht Lassus.
> Aan de Ferme de la Bouverie links, even de N86 op richting de kerk van Vieuxville en net voor deze kerk neem je een buurtpad rechts dat op een wegje uitkomt. Weer links daar en bij een Sint-Rochuskapel rechts.
> Het pad kronkelt nu een tijdje door bos, daarbij snel van pad en richting veranderend, tot je een asfaltwegje bereikt. Richting Izier volgen, kort daarna zie je de kerk van Izier in de verte. Zo ver lopen we echter niet. De eerste veldweg links nemen.
> Hooggeplaatste borden kondigen drijfjacht aan maar gelukkig niet vandaag. Deze goede veldweg loopt vrij vlak langs wei en veld, loopt dan langs een bosrand, passeert een strookje van dit bos en bereikt dan opnieuw een asfaltweg. Over dit asfaltwegje dalen we weer naar de vallei van de Lembrée. Voor ons ligt een prachtig Condroz-landschap met in de verte, linksvoor, het dorp My.
> GR 576 loopt een tijdje over de valleiweg, passeert langs oude huizen die nu overnachtingsmogelijkheid bieden en splitst dan af van GR 57, goed aangeduid op de infoborden. Terwijl GR 57 hier nog even vervolgt en rechts loopt, neemt GR 576 links een paadje dat klimt naar een crête langs afspanningen van privé-domeinen.
> Bij de kerk van La Rouge Minière rechts, GR 576 loopt weer naar bos toe. Ook het volgende deel is mooi wandelen, waarbij je soms weer onder de bladerdaken van haagbeuken loopt die de paden hier afzomen. In het Bois de Bernardfagne klimt GR 576 nog iets hoger. Op het hoogste punt kom je op een padensplitsing waar je links vervolgt en zo al snel het voormalige Klein-Seminarie van Sint-Rochus bereikt, nu een school voor middelbaar onderwijs. Op de asfaltweg rechts en in tegenwijzerzin rond de grote terreinen van de instelling lopen.
> GR576 volgt over bijna 500 meter de brede geasfalteerde toegangsweg naar St Roch om dan een parallel bospad te nemen. Niet voor lang, want even later ga je links, de asfaltweg over en vervolgen over een brede en stenige bosweg die regematig stijgt.
> Zowat op het hoogste punt van deze weg kom je voorbij een Sint-Rochuskapel tussen linden. De kapel ligt uiteraard langs een oud bedevaartspad naar het huidige instituut St-Roche. In dezelfde richting daal je weer af en bij een open plek ga je rechts, voorbij de Ferme de Pironbou.
> Weer een stuk stijgen door donker dennenbos tot een kruispunt van boswegen. Links hier, even licht doorstijgen maar voor de bosrand ben je al over het hoogste punt. Bij die bosrand links een veldweg op die in lente en zomer is afgezoomd met een waaier aan wilde bloemen. Een mooi pad ook dat afdalend overgaat in een graspad.
> In de verte ligt het kasteel van Harzé, het volgende doel op GR 576. De hele tijd dalen nu, het decor dat zich voor jou ontplooit is ook nu weer schitterend. Aan de overkant van de vallei liggen de Ardennen. GR576 komt uiteindelijk op de drukke weg N30 (Aywaille - Werbomont) en volgt deze weg rechts voorbij de ingang van het kasteeldomein van Harzé.
Te Hamoir-Lassus een servitude op
Inktvlekkenzwam op esdoorn
Rocher de la Vierge
Beukengalerij in de buurt van
het kasteel van Grimonster
Aywaille
Dikke beuk bij Stokeu
Kasteel Harzé
GR 576 in de omgeving van Pavillonchamps
Bij het kasteel vertrekken een pak lokale wandelpaden
11de eeuwse kerk met 17de eeuwse toren
Typisch pad in de gemeente Ferrières
De Lembrée, opgesplitst bij een watermolen
De vallei van de Lembrée met in de verte het dorpje My
Door de brede vallei van de Lembrée tussen de ex-hoeve van Lembrée en de molen van Ferrières.
Het voetpadennet van Ferrières heeft wegwijzers waarop de lokale
pad- of plaatsnamen zoveel mogelijk in het Waals zijn vermeld.
Kapel La Rouge Minière
Fontein Rouge Minière
Ferme de la Bouverie met het museum van Logne
Prent van J.L. Huens uit de Historia-reeks van de jaren '50. Evrard de la Marck (bijgenaamd 'het zwijn van de Ardennen') wordt afgebeeld met het kasteel van Logne op de achtergrond.
Sint-Rochuscollege
Lassus, kapel
Eén van de uitzichtpunten langs GR 576 tussen Sy en Logne
> Via de toegangsweg tot zo'n domein daal je weer naar de vallei van de Lembrée die je langs een grote vierkantshoeve (Ferme de la Bouverie - VVV, museum, café) brengt. Hier startte ook het tracé van een opgeheven GR-route, GR 574.
> Onder de spoorweg door dus en in het centrum van Aywaille rechtdoor over de N30 en de Amblève over. Behalve GR AE (15) komt hier dus ook GR 571 erbij. Voor de N30 naar links bocht gaan we tesamen met deze paden even rechts over een achterafstraatje. Kort daarna neem je links een pad dat zich in een paar brede zigzags stevig stijgend opwerkt op de beboste helling langs de Amblève. Onderweg een paar banken om even uit te blazen. Je passeert ook een klein oorlogsmonument en bereikt ten slotte een open landgoed waar je in wijzerzin rond draait.
Klimmend pad na Aywaille
> GR 576 is daarmee kort bij de top van het plateau gekomen. Je stijgt nog even licht verder, door een strook bos en langs weiden om dan door het gehucht Falize te lopen. Onder dit gehucht bevindt zich een afgesloten natuurgebied, Heid des Gattes.
Heid des Gattes

> Heid des Gattes is Waals voor geitenheuvel, het is een beboste scherpe kam, gelegen naast een verlaten steengroeve. Het eigenlijke reservaat krijg je langs GR 576 niet te zien, het is trouwens door de steilte moeilijk toegankelijk en afgeschermd. Daar is alle reden toe want er groeit ondermeer een plantje dat nergens anders in Europa in het wild voorkomt, het heeft dan ook een specifieke naam die refereert naar
de plaats: De Amblève-huislook of in het Frans 'Joubarbe d'Aywaille'.
> Het natuurreservaat, waar je dus eigenlijk niet door loopt, wordt al 100 jaar bedreigd. Edmond Rahir, die veel heeft betekent voor de bescherming en toeristische valorisatie van deze Amblève-streek was toen, begin 20ste eeuw, echt een pionier in België toen hij in een tijd waar natuurbescherming amper bestond, al Heid des Gattes op een lijst zette van natuurstukken die een beschermd statuut verdienden. Decennia lang is er afgraving geweest voor ertswinning. Dat is al een tijdje gestopt, maar tegenwoordig komt de bedreiging van lager.
> Tussen de Amblève en Heid des Gattes loopt een weg van Aywaille naar Remouchamps. Omwille van het gevaar van vallende rotsblokken uit de Heid des Gattes-kam is de weg al jaren afgesloten. Er zijn al lang plannen om duizenden tonnen rots weg te blazen langs de wegkant om een veiligere doorgang te garanderen. Dat is echt een aanslag op de unieke natuur van Heid des Gattes en er wordt dan ook vanuit natuurorganisaties hevig protest aangetekend wat een lange procedureslag tot gevolg heeft. De weg is dus al enkele jaren afgesloten, ook voor voetgangers. Je zou het natuurreservaat langs onder kunnen benaderen maar het is eigenlijk illegaal, wat duidelijk aangegeven staat op de versperring bij de verboden weg.
Wit vetkruid
> in deze omgeving passeer je nog duidelijk resten van de mijnaktiviteiten hier. Op de rotsige, zuiders georiënteerde hellingen groeien plantensoorten die je normaal aantreft in meer zuiderse streken, met name een aantal vetplanten. Onder de
Witte engbloem
gevarieerde plantengroei zal je zeker ook de fel rood gekleurde bloemen van hemelsleutel herkennen.
Pad langs Falize
> In Falize neem je een veldweg die tussen weides door naar een uitzichtpunt draait. De dorpen Sougné en Remouchamps zie je van hier mooi liggen langs een blinkende Amblève. Net onder dit uitzichtpunt ligt ook een verlaten gebouwtje waar je eventueel kan schuilen als je hier bij regenweer passeert.
'Belvédère' over de Amblève
Oude bunker
> GR576 gaat van het uitzichtpunt vrij steil naar beneden. Ook hier is de typische Calestienne-flora erg gevarieerd. Je arriveert op een breder en langzamer hellend cornichepad dat je naar links moet nemen. Rechts is het pad trouwens niet officieel toegankelijk (het leidt naar de oude mijnsite). Niet veel later passeer je een afsluiting, de weg wordt geasfalteerd en draait naar rechts, onder de verbindingsweg tussen de E25 en Remouchamps.
> Zo bereik je Sougné. Dit Amblèvedorpje heeft nog een aantal oude huizen en straten. Van de kerk is vooral de Romaanse toren goed bewaard, hij is geflankeerd door een paar forse kastanjebomen. Uit Sougné is ook de Waalse volksschrijver Marcellin La Garde afkomstig. La Garde is hier in 1818 geboren. Hij heeft in zijn leven een massa volksliteratuur geschreven, veelal verhalen, vertellingen en romans die zich op herkenbare plaatsen in de streek afspelen.
> GR576 zoekt de oever van de Amblève op, passeert langs een eerste brug en bereikt het centrum van Remouchamps bij een tweede brug. Zo zijn weer bij de inmiddels bekende grotten.
Sougné
> Als je weer op asfalt komt, rechtdoor vervolgen langs het Croix de la Golette naar en door het dorp Pavillonchamps. In het dorp op een T rechts verder omhoog en in een bocht een bosweg nemen. Het padverloop door het bos ligt redelijk voor de hand. Eigenlijk moet je maar op het lawaai afgaan van de E25 waar GR576 kort bij zal komen. Voor je een parallelweg met deze E25 bereikt ga je links vlakbij de bosrand.
> Iets verder loop je weer even door het Bois de Winhisté om op een kruispunt van bospaden rechts te gaan. Even later kom je in open landschap en begin je licht te dalen richting Stokeu. Op een asfaltweg even rechts-links. Tijdens de snelle daling door Stokeu moet je opletten om het pad links niet te missen.
Sint-Rochuscollege Ferrières
> Vreemd om hier midden in de bossen en kilometers van een dorp gelegen zo'n prestigieuze school te vinden. Een blik door de poort van het college vertelt je dat dit veel meer is dan zomaar een dorpsschool. De geschiedenis van deze plek is dan ook bijna 900 jaar oud.
> De vroegste bronnen gaan terug tot ongeveer het jaar 1150. Er moet hier toen een eenvoudige kluizenaarswoning zijn geweest, gewijd aan Onze-Lieve-Vrouw. De eenzame bewoner verschafte in opdracht van zijn landheer (die ook financieel tussen kwam) onderdak aan reizigers en pelgrims die zich verplaatsen door de streek. Een soort primitieve christelijke herberg en kapel dus die reizigers een veilige ontvangst en doorgang moest verzekeren. De plek kreeg al snel de naam van Bernardfagne (naar de bekende heilige Bernardus van Clairvaux die in 1153 was gestorven?).
De boer die de weiden langs het pad beheert heeft zijn afspanning wel heel kort tegen het bos gezet, dus een beetje opletten om niet verrast te worden door een stroomstoot. In een paar bochten volgt GR 576 de rand van deze weides.
Harzé
> Harzé ligt langs de Ardennenweg N30 Luik - Bastenaken, de voorloper van de snelweg E25 die in de jaren '80 werd geopend. Het grote 16de -18de eeuwse kasteel van Harzé domineert het bovendeel van het dorp. Het werd in de jaren '70 opgekocht door de provincie Luik. Tegenwoordig is het vooral bekend voor seminaries en recepties met verblijfsmogelijkheid en restaurant. Er is ook een watermolen- en bakkerijmuseum.
> Volgens de huidige topografische gids loopt GR 576 zuidelijk van de Amblèvevallei. Recentere kaarten laten dit stuk GR echter ten noorden van de Amblèvevallei lopen, in het spoor van GR AE en GR 571. Omdat ik dit deel al 2 x heb gewandeld ben ik ditmaal gestopt in Aywaille. Voor de volledigheid nemen we hier de beschrijving tot Remouchamps over uit het wandelverslag van GR 571 en vervolgen dus ten noorden van de Amblève.
ex-GR 574 Vallée de la Lembrée
> Deze GR van amper 17 km werd gecreëerd in 1974. Thema is de vallei van de Lembrée. In 1997 ging deze GR, ook bekend als G.R.L., op in een vernieuwde GR 576 waarover we nu wandelen. Het oude traject werd zowat volledig overgenomen tot eindpunt Harzé.
Hamoir
> Waar de Néblon in de Ourthe vloeit ligt Hamoir. Hoewel de eerste geschreven bronnen over Hamoir uit de 9de eeuw dateren en de nederzetting wellicht nog veel ouder is, was Hamoir nooit een belangrijke woonkern. Dat ondanks het feit dat er van oudsher een brug lag over de Ourthe die het oude hertogdom Limburg verbond met de Condroz. Het zwaartepunt van de kerkelijke en juridische macht lag eeuwenlang in het dorpje Xhignesse (op 2,5 km). Pas eind 18de eeuw begon Hamoir echt te groeien. De aanleg van de spoorlijn en verbetering van de toegangswegen in de Ourthevallei in de 19de eeuw lokte handel, nijverheid en fabrieken naar Hamoir en deed het belang van Xhignesse helemaal wegdeemsteren.
> Xhignesse ligt niet langs GR 576, wel op het traject van GR 57 en het Sentier pédestre de l'Ourthe et de Néblon. Dat laatste pad passeert ook over de oude merovingische necropool van Xhignesse. Op enkele omgevormde oude boerderijen en woningen aan de Ourthekade na zie je dus eigenlijk niet veel oude gebouwen in Hamoir. Het leukste in Hamoir-centrum als bezoeker, is eigenlijk gewoon wat flaneren over de mooie paden langs de Ourthe-oever... of GR 576 volgen over het smalle wegje langs de Néblon.
> Onderweg kwamen we ook langs het monumentje voor landschapsschilder Richard Heintz (1871 - 1929). De schilderstijl van Heintz wordt wel eens vergeleken met die van Van Gogh. Zijn inspiratie vond hij in Italië maar vooral ook in de Ardennen. Sy was zijn geliefde plek. Hij leefde er vele jaren en stierf er ook in 1929.
> Door een strookje bos kom je vlakbij de Ourthe waar je verder langs de oever loopt over een mooi pad. Langs steile rotsen en een pad tussen weiden en de beboste rivieroever kom je aan een volgende rotspartij, Rocher de la Vierge.
> In het kleine Sy draait vandaag alles rond toerisme, je vindt er behalve een treinstation enkele hotels, cafés en restaurants maar geen winkels. Het intieme plaatsje waar het rustig is dankzij het ontbreken van doorgaand autoverkeer, is nogal gekoloniseerd door Nederlanders. Dat komt omdat de Nederlandse bergsportvereniging er sinds 1983 een gîte heeft, de Tukhut. Zelf noemen ze het graag een berghut.
> We wandelen eigenlijk in Sy niet tot bij de Ourthe maar net voor de kerk van Sy neemt GR 576/57 links een paadje dat in zigzags sterk stijgt naar de plateaurand boven de Ourthe.
Oeverpad langs de Ourthe
> De N30 nog even volgen tot bij de kerk van Harzé (halte voor expressbus 1011 Luik - Aarlen). Hier ontmoet GR576 het legendarische pad GR AE (Ardennen - Eifel), tegenwoordig ook bekend in Wallonië als GR 15. We zullen tot Aywaille en Remouchamps in het spoor van AE lopen. Vlak voor de verhoogde kerk links en afdalen naar een lager gelegen wijk van Harzé. In een scherpe bocht verder dalen lang de watermolen en dan even opletten. Je passeert een op het eerste zicht doodlopende weg rechts. Neem deze.
> Op het einde van deze korte weg loopt een pad verder omhoog. Aanvankelijk is het hard stijgen, langs een bosrand, hogerop wordt de stijging iets zachter.
Monument Richard Heintz
> Langs alle kanten is op deze rotsen behaking aangebracht door klimclubs. Door een verstrengde wetgeving mag je hier tegenwoordig niet zomaar klimmen. In een nis is tegen de rots een Mariabeeld aangebracht. Verder is er een rustbank. Bij de spoorwegbrug links om langs de spoorlijn, een caravanpark en een klein kerkhof het dorpje Sy te bereiken.
> Aan een boerderij verlaat je het asfaltwegje en loop je via een hekje rechtdoor over een servitude in een weide. In de bossen boven de Ourthe staat het merkwaardige kruis 'Croix du Curé'. Voor het intrigerende verhaal over dat kruis, zie elders op Trekkings.be.
> Het pad loopt in een grote bocht op de rand van de hoge valleiwand rond de beboste Ourthemeander. Eigenlijk is het ook een recreatief pad met een lange geschiedenis. Het werd in de jaren '30 van vorige eeuw uitgebouwd door Touring Club België. Een paar metalen bankjes langs het pad herinneren nog aan die tijd.
> Op het einde daal je vrij bruusk weer in de vallei van de Ourthe te Logne. Eigenlijk kom je terecht bij een zijriviertje van de Ourthe: de Lembrée.


 

 

 

 

 

 

GR 576 Condroz (162 km)