>
Tijdens deze eerste etappe gaan we meteen op zoek
naar de rivier Amblève. Een paar maal klimmen we uit de vallei, die
moeite wordt telkens beloond met mooie uitzichten. Best een sportieve en erg
afwisselende etappe: De mooie ruïnes van het Amblève-kasteel en
de beroemde grotten van Remouchamps passeren de revue.
> Aan je rechterkant
passeer je de “Puits Hayard”
bij een kruis met de datum 1908. De eerste 5 km zitten er op, tijd om hier
even te rusten in de schaduw van de mooie lindes. Tijd ook voor een eerste
legende, de topogids laat ons hier jammer genoeg in de steek, dus we geven
het verhaal over deze wonderlijke bron hier even mee.
> GR571 daalt over
de ‘kasteelweg’ door het bos naar de vallei van de Amblève.
Bij de uitgang van het bos wordt het pad een geasfalteerd wegje dat doorloopt
tot Aywaille. Even de drukke N30 op tot vlak bij het centrum van
Aywaille.
GR571 steekt de brug over de Amblève niet over. Moet je in het centrum
zijn (oa GB-supermarkt, een winkel met sportmateriaal, toeristische dienst,
trein- en busstation) dan ga je wel over de Amblèvebrug.
> GR
15 en
GR 576 komen er bij, even opletten dus om niet verkeerd te lopen.
Tesamen met deze paden even een wegje links op om dadelijk een achterafstraatje
te nemen. Kort daarna neem je links een pad dat zich in een paar brede zigzags
stevig stijgend opwerkt op de beboste helling langs de Amblève. Onderweg
een paar banken om even uit te blazen. Je passeert ook een klein oorlogsmonument
en bereikt ten slotte een open landgoed waar je in wijzerzin rond draait.
Puits Hayard
> De Puits Hayards
is eigenlijk een ondiepe waterput, voor drievierde gevuld met kristalhelder
water. Aan dat water werd een wonderlijke kracht toegeschreven tegen allerlei
kwaaltjes, met name oogziekten. Hoe dat water aan zijn genezende kracht
kwam zit als volgt in elkaar. Op een nacht drongen dieven een kapel in de
buurt binnen. Onder de waardevolle stukken waarop ze beslag legden hoorde
ook de ciborie. Op hun vluchtweg ontdeden de dieven zich van de hosties
die nog in de ciborie waren. Ze gooiden die in de Puits Hayard, waarop het
water miraculeuze genezingskracht kreeg. Helaas is daarvan nu niet veel
meer te merken. De put was helemaal opgedroogd toen ik er passeerde. Gelukkig
is mijn oogzicht nog voldoende om GR-tekens te vinden.

> Over een paar snelle
zigzags werkt het pad zich vlug omhoog. Boven loop je nog even tussen bosrand
en weide. Door open weidelandschap loopt deze veldweg naar het dorpje Oneux
toe. In dit dorp rond de kerk draaien en een paar snelle stratenwissels
nemen. Je klimt verder door over een wegje dat al snel van asfalt overgaat
in steenslag. Zo draai je in een bocht het plateau van Grand Fawé
op.
> Ook verderop wisselt
GR571 een paar malen van pad, loopt langs een kruis aan een boom om daar
rechts een paadje te nemen dat uiteindelijk uitkomt bij het enorme houten
kruis van Cwimont, gelegen op bijna 300
meer hoogte.
>
Geen problemen om onderweg eens een café
of een winkel binnen te lopen. GR 571 passeert immers op dit traject de
grote dorpen Aywaille en Remouchamps. Aangezien het pad door een toeristische
streek loopt is er geen gebrek aan campings en andere overnachtingsfaciliteiten.
>
Start en aankomst van deze etappe zijn vlot bereikbaar per bus, mogelijk
met een wissel in Aywaille. Indien je enkel deze etappe van GR 571 wil wandelen
en per auto naar de Ardennen rijdt dan kan je in Sedoz een vroege bus nr
42a nemen die je tot in Comblain-au-Pont brengt (halte Pont de Scay!!) en
dan kan je zo terug naar je auto wandelen.
> Let
op dat je het juiste pad blijft volgen, er zijn onderweg naar Fonds de Quarreux
immers nogal wat kruisingen met andere GR-paden.
> Combinatie
van GR 571 + vallei Ninglinspo: Lees de wandelinfopagina.
Bessen
in de padberm:
Bramen, Gelderse roos en acacia
>
Bij deze plek neemt GR571 een pad links, de sporen van een oude weg zijn nog
duidelijk herkenbaar over een gedeelte van dit pad. Even dalen tot in een
beekvallei en weer stijgen. Op een driesprong de meest linkse weg op, dit
was niet zo goed gemarkeerd toen ik hier passeerde.
De
Ourthe vanop de Pont de Sçay nabij Comblain
Graspad
naar Oneux
Oneux
>
GR 571, Vallées de Légendes, vertrekt eigenlijk niet in het
centrum van Comblain-au-Pont, maar bij de brug
Pont
de Sçay over de Ourthe. Hier lopen ook een korte verbindingsroute
naar
GR 57 (Ourthe) en
GR 576 (Luikse
Condroz).
> De brug dus richting
Aywaille verlaten, de RAVeL en de spoorweg over en meteen het eerste straatje
rechts. Hier staat de eerste markering van GR571. 100 meter verder verlaat
je alweer deze straat en neem je hier een paadje links dat dadelijk achter
een rusthuis loopt. Meteen klimmen, langs een grot en omhoog door een natuurgebied
dat ‘
Les Tartines’ noemt, (de
boterhammen), genaamd naar de snedige vorm van de onregelmatig geërodeerde
rotsen hier. Van die rotsen zie je echter niet zo veel.



>
De stijging vlakt uit op een hoogte van 300 meter. Steeds maar rechtdoor over
dit pad met aan beide zijden weidse uitzichten. Onderweg loopt GR571 ook even
gemeenschappelijk met het Ourthe-Néblonpad, gemarkeerd met een gestileerd
konijn. Het pad gaat recht op het volgende dorp af: Hoyemont,
waarvan ik mij achteraf vooral de vele keffende honden herinner. Een passerende
GR571-wandelaar is voor die honden wellicht het meest spannende moment van
de dag, om maar te zeggen dat het hier erg rustig is.
> Ook in Hoyemont draait
GR571 rond de kerk (in feite meer een kapel) om onverstoord in dezelfde
oostelijke richting verder te lopen. Het pad loopt naar een groot en hoog
gelegen alleenstaand gebouw toe: Hurlevent,
in feite een verzameling van enkele vakantiewoningen, erg rustig gelegen.
Langs deze gebouwen en kort daarna komt het pad via een S-bocht op een asfaltwegje.
Rechts deze weg op die wat gaat dalen en door een groen golvend landschap
slingert.
Weideklokje
Omgeving
rond Puits Hayards
Croix de Septroux
> Het is duidelijk
dat dit kruis er niet is gezet voor de intieme passant. Bedoeling is natuurlijk
dat dit kruis de hele omgeving domineert en zichtbaar is van uit de vallei
van de Amblève, vandaar ook de lampjes. Het eerste kruis werd hier
al geplaatst in 1937, ter gelegenheid van één of ander lokaal
katholiek feest. Het huidige kruis dateert uit 1982.
Onderweg
naar Hoyemont
Kruis
aan een boom voor Antoine Compere, echtgenote van Elisabeth Malo, vermoedelijk
afkomstig
van een kerkhof
Hemelsleutel
>
Met een mooi uitzicht recht voor op de Amblèvevallei daalt GR 571 naar
het gehucht Septroux en neemt daar een asfaltweg
naar links die een tijdje hoogte houdt. Het pad wordt onverhard en daalt in
een brede zigzag door een bos naar Martinrive toe. Door boomkap lag het bos
er erg modderig bij en de stilte werd verstoord door brommende bostractoren.
>
Midden in dit bos stoot je dan op de ruïnes van het kasteel
van Amblève. Het is de moeite om dit kasteel even te exploreren.
Achter de hoogste slottoren heb je een schitterend uitzicht over de rivier
Amblève, een uitstekende plek voor een picknick.
>
Het pad door dit bos wordt na een tijdje interessanter. In het donkerste deel
van dit bos zie je sporen van oude mijnaktiviteiten, zoals de resten van een
oude spoorbrug, het traject van dat oude bosspoor is ook nog merkbaar, het
loopt iets boven het wandelpad. Ook de plantengroei in deze kalkhoudende omgeving
is best boeiend, met onder andere tongvaren en vrouwenmantel.
>
Verder dalend kom je zo voor het eerst in de vallei van de Amblève
waar je de brug overgaat om het dorp Martinrive
binnen te lopen. Behalve een camping zijn er geen andere faciliteiten in dit
dorp.
> De spoorlijn over en
via een wegje een stevig stijgend pad op dat dwars door het dichte bos loopt.
De blauwwitte strepen die een hele tijd samen zullen lopen met GR571 zijn
van een mountainbikeroute.
De
Amblève bij Martinrive
Gewone
engelwortel
Aywaille
ziet er nu ook weer niet zo sexy uit dan
deze poster uit de jaren '50 doet uitschijnen...
Onderweg
naar Croix de Cwimont / Septroux
Croix
de Cwimont
Klimmend
pad na Aywaille
Wit
vetkruid
Borstelkrans
Uitzicht
vanop het Château d'Amblève
Tongvaren
> In het centrum van
Remouchamps ga je even links om dadelijk (tegenover de ingang tot de grotten)
een straatje rechts te nemen. 50 meter verder splitst
GR 576 af van GR 571
door links een paadje te nemen. GR571 blijft tesamen met GR15 de straat
volgen. Rechts heb je een uitzicht over het oude spoorwegviaduct en het
kasteel van Montjardin. De weg loopt onder het snelwegviaduct van Remouchamps
en gaat daar dadelijk rechts over een wel erg steil stijgende asfaltweg.
> Het gaat keihard omhoog
aan een percentage van 20 %. We blijven dit wegje een hele tijd volgen,
ook als het verderop langs een kruis loopt en onverhard wordt. Op het plateau
loop je langs weiden en landerijen. In feite snij je hier een lange Amblèvemeander
af.
de plaats: De Amblève-huislook of in het Frans 'Joubarbe d'Aywaille'.
> Het natuurreservaat,
waar je dus eigenlijk niet door loopt, wordt al 100 jaar bedreigd. Edmond
Rahir, die veel heeft betekent voor de bescherming en toeristische valorisatie
van deze Amblève-streek was toen, begin 20ste eeuw, echt een pionier
in België toen hij in een tijd waar natuurbescherming amper bestond
al Heid des Gattes op een lijst zette van natuurstukken die een beschermd
statuut verdienden. Decennia lang is er afgraving geweest voor ertswinning.
Dat is al een tijdje gestopt, maar tegenwoordig komt de bedreiging van lager.
> Tussen de Amblève
en Heid des Gattes loopt een weg van Aywaille naar Remouchamps. Omwille
van het gevaar van vallende rotsblokken uit de Heid des Gattes-kam is de
weg al jaren afgesloten. Er zijn al lang plannen om duizenden tonnen rots
weg te blazen langs de wegkant om een veiligere doorgang te garanderen.
Dat is echt een aanslag op de unieke natuur van Heid des Gattes en er wordt
dan ook vanuit natuurorganisaties hevig protest aangetekend wat een lange
procedureslag tot gevolg heeft. De weg is dus al enkele jaren afgesloten,
ook voor voetgangers. Je zou het natuurreservaat langs onder kunnen benaderen
maar het is eigenlijk illegaal, wat duidelijk aangegeven staat op de versperring
bij de verboden weg.
Château d'Amblève
> De oudste bronnen
die de aanwezigheid van een versterking melden gaan terug tot de 9de eeuw.
In de middeleeuwen ging de vesting talloze malen over in de handen van nieuwe
feodale krijgsheren.
> De ligging en stoere
opbouw van de constructie laten er geen twijfel over bestaan dat de burcht
vooral controlerende en militaire functie had. In 1578 wordt de vesting verwoest
in de godsdienstoorlogen tussen de Spaanse katholieken en de Hollandse calvinisten.
Ze zou nooit meer in de oude glorie worden hersteld.
> Meer dan 400 jaren later
is het eigenlijk verrassend om te zien dat er nog zoveel muren van recht staan.
En natuurlijk hangt er rond spookachtige ruïnes hier in de Ardennen altijd
wel een legende. Ook dit kasteel is verbonden met het hoofse epos van de vierheemskinderen,
maar het is vooral het drama rond Blanche de Montfort dat tot de verbeelding
spreekt.
> Blanche de Montfort
vermoordde hier haar voormalige minnaar en diens vrouw om zich daarna zelf
van het kasteel naar beneden te storten. Op de vooravond van Allerheiligen
loop je hier liefst niet over GR571, de kans is groot dat je rond de ruïnes
Blanche ziet rondspoken…
>
GR 571 is daarmee kort bij de top van het plateau gekomen. Je stijgt nog even
licht verder, door een strook bos en langs weiden om dan door het gehucht
Falize te lopen. Onder dit gehucht bevindt
zich een afgesloten natuurgebied, Heid des Gattes.
gevarieerde
plantengroei zal je zeker ook de fel rood gekleurde bloemen van hemelsleutel
herkennen.
>
GR571 gaat van het uitzichtpunt vrij steil naar beneden. Ook hier is de typische
Calestienne-flora erg gevarieerd. Je arriveert op een breder en langzamer
hellend cornichepad dat je naar links moet nemen. Rechts is het pad trouwens
niet officieel toegankelijk (het leidt naar de oude mijnsite). Niet veel later
passeer je een afsluiting, de weg wordt geasfalteerd en draait naar rechts,
onder de verbindingsweg tussen de E25 en Remouchamps.
> Zo bereik je Sougné.
Dit Amblèvedorpje heeft nog een aantal oude huizen en straten. Van
de kerk is vooral de Romaanse toren goed bewaard, hij is geflankeerd door
een paar forse kastanjebomen. Uit Sougné is ook de Waalse volksschrijver
Marcellin La Garde afkomstig. La Garde is hier in 1818 geboren. Hij heeft
in zijn leven een massa volksliteratuur geschreven, veelal verhalen, vertellingen
en romans die zich op herkenbare plaatsen in de streek afspelen.
> GR571 zoekt de oever
van de Amblève op, passeert langs een eerste brug en bereikt het centrum
van Remouchamps bij een tweede brug. De attraktie
van Remouchamps zijn de grotten.
>
In Falize neem je een veldweg die tussen weides door naar een uitzichtpunt
draait. De dorpen Sougné en Remouchamps zie je van hier mooi liggen
langs een blinkende Amblève. Net onder dit uitzichtpunt
ligt ook een verlaten gebouwtje waar je eventueel kan schuilen als je hier
bij regenweer passeert.
>
in deze omgeving passeer je nog duidelijk resten van de mijnaktiviteiten hier.
Op de rotsige, zuiders georiënteerde hellingen groeien plantensoorten
die je normaal aantreft in meer zuiderse streken, met name een aantal vetplanten.
Onder de
Heid des Gattes
> Heid des Gattes
is Waals voor geitenheuvel, het is een beboste scherpe kam, gelegen naast
een verlaten steengroeve. Het eigenlijke reservaat krijg je langs GR 571
niet te zien, het is trouwens door de steilte moeilijk toegankelijk en afgeschermd.
Daar is alle reden toe want er groeit ondermeer een plantje dat nergens
anders in Europa in het wild voorkomt, het heeft dan ook een specifieke
naam die referereert naar
Sougné
'Belvédère'
over de Amblève
Pad
langs Falize
Witte
engbloem
Oude
bunker
Grotten Remouchamps
> Dit is één
van de oudste attrakties van de Ardennen. Tesamen met de waterval van Coo
was dit lange tijd dé trekpleister in de vallei van de Amblève.
In 1820 start de Luikse professor Philippe-Charles Schmerling een eerste
onderzoek. Sinds 1829 komen er toeristen, hoewel er toen maar een 80 meter
galerij te bezoeken was. In het begin van de 20ste eeuw
vindt
er voor het eerst grondig onderzoek plaats en worden de galerijen gedetailleerd
in kaart gebracht. Vanaf 1913 zijn langere delen van de galerijen te bezoeken
en komt er een regelmatige toeristenstroom op gang.
> Onderzoek en toegankelijk
maken van de grotten is voor een groot deel het werk van geoloog Edmont Rahir.
We kwamen zijn naam al eerder tegen op de pagina over de geschiedenis van
GR 571. Tegenwoordig zijn er zowat 2 kilometer aan galerijen op 2 verdiepen
opengesteld. Opmerkelijkste zaal is de 40 meter hoge kathedraalzaal met grillige
stollingen. Deel van het spektakel tijdens een bezoek is de terugtocht per
bootje over de volledig onderaardse rivier Rubicon.
> Biezonder merkwaardig
is dat het riviertje Rubicon wordt gevoed door water dat in een wijde omgeving
rond Remouchamps in allerlei – door kalkoplossing ontstane – verdwijngaten
is terechtgekomen. Zo’n verdwijngaten of ‘chantoirs’ kan
je volop bekijken langs een ander GR-pad,
GR 576, zie het verslag
over dit pad op deze site.

>
100 jaar geleden werd er duidelijk met minder respect voor de natuurlijke
kunstwerken in de grot omgesprongen, met nogal wat afgebroken stalactieten
en stalagmieten als gevolg. Verlichting gebeurde met fakkels, zwarte roetafzetting
op de druipsteenformaties vormt daar ook nu nog een onuitwisbaar spoor van.
> Binnenin overwinteren
ook verscheidene soorten vleermuizen, maar liefst 12 verschillende soorten
zijn er waargenomen. In het water van de Rubicon leven een soort blinde en
transparante garnaaltjes.
Remouchamps,
ingang grotten, uitgang Rubicon
Wegkruis
uit 1820
<
Hengel
Over
een oude steenweg naar Sedoz >
Remouchamps
Kasteel Montjardin en spoorwegbrug
'Le
palmier' (foto Monde Sauvage)
>
Een bezoek aan de grotten van Remouchamps bestaat uit een wandeling langs
galerijen, zalen en druipsteenformaties. Daarna vaar je over 700 meter de
Rubicon af met als hoogtepunt op het einde een enorme kalkzuil die feeëriek
is verlicht en ‘de palmboom' heet. De grotten zijn dagelijks te bezoeken
met een gids, foto’s nemen is verboden, voorzie anderhalf uur. Trek
iets warms aan voor een zomers bezoek, de temperatuur is er zo’n 12°
tijdens de zomer en 8 à 10° ‘s winters. Die lichte schommeling
wordt veroorzaakt door de watertemperatuur van de Rubicon, die het hoogst
is na zomerse stortbuien. Tot slot nog deze waarschuwing van de populaire
wandelauteur Julien van Remoortere: “Loop de grotten niet in als er
niemand te zien is. Mijn vrouw en ik waren ooit zo vermetel. Toen we naar
schatting een kilometer ver waren floepten alle lichten uit. Op de tast, terug
naar de ingang, hebben we op de wanden duizenden vingerafdrukken achter gelaten…”
> Als je bos bereikt
gaat GR571 al snel weer dalen. In de vallei wordt het geluid van auto’s
die door de Amblèvevallei rijden, steeds luider. Je bereikt deze
valleiweg (en het einde van deze etappe) onmiddellijk bij een café
in het gehucht Sedoz, strategisch gelegen
bij de ingang van de
> Ninglinspokloof.
Het caféetje wordt open gehouden door een Vlaamse familie en trekt
op een zomerse dag nogal wat (wandelend) volk. Hier splitst GR 15 af om door
de Ninglinspovallei te lopen. Van rechts over de asfaltweg komt ook GR 571
toe, ons pad vormt vanaf Sedoz namelijk een grote circuit.
>
Hier eindigt deze eerste etappe. Je kan hier eventueel een bus nemen naar
Coo, Trois-Ponts, Remouchamps, Aywaille of Comblain-au-Pont. Dit is ook het
startpunt om de schitterende Ninglinspo te exploreren.
Kruispunt
van GR-paden bij de monding van de Ninglinspo
Ninglinspo